20 november 2018

‘Pak data over schulden en doe er iets mee. Het helpt!’

In het kader van het Interbestuurlijk Programma wordt in drie werkgroepen (zie onder) gesproken over schuldhulpverlening. Zij kijken ook naar het breed delen van gegevens over mensen met schulden met lokale overheden. Dat is een lang gekoesterde wens van gemeentelijke afdelingen schuldhulpverlening. Met die gegevens kunnen zij gerichter helpen en beter preventief ingrijpen, vinden ze. Dat is urgent, want uit recente cijfers blijkt dat een op de tien huishoudens in Nederland problematische schulden heeft, en dat die voor een op de vijf huishoudens dreigen.

Data gericht gebruiken

De gemeente Tilburg begon dit jaar met een driejarig schuldenoffensief, waarbij gegevens over wanbetaling die al mogen worden gedeeld nadrukkelijk worden ingezet. ‘Na de decentralisatie zijn veel taken naar ons toe gekomen, en we hebben dus heel veel mogelijkheden om te helpen’, zegt Joke de Kock, manager schuldhulpverlening in de Brabantse stad. ‘We zijn geen kleine stad, maar wel een overzichtelijke. Met dit offensief willen we zo veel mogelijk mensen met problemen vinden, benaderen en helpen. Zo kunnen we voorkomen dat de problemen erger worden. We gaan drie jaar experimenteren met gedegen preventie en echte hulp, ook op basis van signalen van andere partijen. Daarvoor gaan we op een andere manier naar data kijken: zeer gericht.’

Niet betalen water als indicator

Tilburg wil de ‘vindplaatsen’ van mensen met nog niet zichtbare schulden zo goed mogelijk benutten, zegt De Kock. ‘Dat zijn de plekken waar signalen naar boven komen dat er mogelijk problemen zijn. Denk aan het drinkwaterbedrijf. We hebben daar eerder om gegevens van wanbetalers gevraagd, maar kregen die niet. Sinds juli mogen mensen met een betalingsachterstand echter niet meer van het water worden afgesloten zonder dat de gemeente eerst op de hoogte is gesteld. De meeste gemeenten doen niets met die informatie, maar wij wel. Het is namelijk een erg goede indicator voor geldproblemen als mensen die circa 12 euro per maand voor iets essentieels als water niet meer kunnen opbrengen.’

Adequaat hulpaanbod is nodig

‘We zijn met twee mensen langs zestien huishoudens gefietst die op het punt stonden te worden afgesloten, en van hen bleken er zes zwaar in de problemen te zitten. Een week later hadden we die allemaal uitgebreid gesproken en konden we ze meteen gaan helpen. Dat is wel een voorwaarde: als je naar de mensen toegaat, moet je wél met een adequaat hulpaanbod komen. Ze laten ons namelijk vaak niet toe omdat we in hun ogen als gemeente ‘de overheid’ zijn. En die overheid wordt gewantrouwd, omdat ze vaak een groot deel van het probleem is. In Nederland heeft één op de vijf huishoudens geldproblemen, en in 80 procent van de gevallen is de Belastingdienst een grote schuldeiser.’

‘Als je naar mensen toegaat, moet je met een adequaat hulpaanbod komen’

Stapel blauwe enveloppen

Een andere vindplaats bleek de Sociale Verzekeringsbank (SVB), waarmee Tilburg in overleg ging over de gegevens van AOW’ers bij wie beslag op het inkomen was gelegd. Met de SVB ging de gemeente daarna bij honderd mensen langs. Daar bleken vijftig probleemgevallen bij te zitten. ‘Als we binnen werden gelaten, konden we hen ons hele scala aan hulp bieden’, zegt De Kock. ‘Een mevrouw van 78 bleek jaren geen aangifte te hebben gedaan over een pensioentje dat ze naast haar AOW kreeg, omdat ze ten onrechte dacht dat dat niet hoefde. We hebben met haar een stapel blauwe enveloppen weggewerkt, en toen bleek dat ze nog duizenden euro’s terugkreeg. In een ander geval konden we nét voorkomen dat een meneer van 82 op straat kwam te staan.’

Zorgverzekering is struikelblok

Schulden bij de belastingdienst, vooral voortvloeiend uit het ingewikkelde toeslagenstelsel, zijn volgens De Kock een van de twee grootste oorzaken van financiële problemen. Het andere grote struikelblok is met voorsprong de zorgverzekering, zegt ze. ‘Het wrange daarbij is dat de groep die de grootste problemen met premiebetaling heeft juist ook de groep is die een grote behoefte aan zorg heeft. Maar toch is de zorgverzekering vaak het eerst dat mensen in geldnood niet meer betalen. Ze denken dan: de dokter helpt me toch wel of het ziekenhuis stuurt me echt niet weg. Uiteindelijk lopen ze natuurlijk toch tegen hoge rekeningen aan, en raken ze nog verder in de problemen.’

Cijfers van CAK inzetten

In samenwerking met het CAK, dat de inning van de verzekeraars overneemt voor mensen die meer dan zes maanden hun zorgpremie niet betalen, is Tilburg actief op zoek gegaan naar mensen met een achterstand die nog niet bekend waren bij de gemeentelijke schuldhulpverlening. Het CAK mag de gegevens over die groep aan de lokale overheid verstrekken. Op die manier kwam de gemeente er achter dat in Tilburg een kleine 3.200 mensen in die situatie zitten. Onder de bestaande regeling betalen ze aan het CAK vanwege hun betalingsachterstand een boetebedrag bovenop de premie, terwijl ze alleen maar de vergoedingen uit het basispakket krijgen.

Schuldeisers weten best dat je van een kale kip niet kunt plukken’

Tot zes jaar in boetebeleid

De Kock: ‘We zijn gaan kijken wie er in die groep onder beschermingsbewind vielen. Dat bleken zo’n 500 mensen te zijn, van wie sommigen al wel tot zes jaar in het boetebeleid zaten. We hebben alle bewindvoerders een brief gestuurd met de vraag wanneer wij de schulden van deze mensen konden gaan regelen. We kregen van iedereen antwoord, maar er werd vaak gemeld dat sanering niet mogelijk was. De redenen daarvoor bleken echter vaak al lang niet meer geldig. Dat hebben we rechtgezet, en mede daardoor hebben we dit jaar al voor 11,5 miljoen euro gesaneerd. Het gaat om goede onderbouwing en om zicht op je klant. Schuldeisers weten ook best dat je van een kale kip niet kunt plukken.’

Life events vaak begin problemen

Omdat de schuldhulpverleners zien dat ‘life events’ als een scheiding vaak het beginpunt van geldproblemen zijn, werken ze ook samen met de woningcorporaties in Tilburg. ‘We hebben bij wijze van proef afgesproken dat zij vier maanden lang kijken of iemand die nooit te laat was opeens zijn huur niet betaalt. Dat kan duiden op problemen waarbij wij kunnen helpen’, zegt De Kock. ‘Maar ook als iemand verhuist kan daar een verandering in iemands leven achter zitten. Dan kunnen wij kijken of mensen alle regelingen en toeslagen wel kennen en gebruiken. We zien ook dat overlijdens vaker voor problemen zorgen, omdat mensen zonder het te beseffen schulden erven. Dus gaan we ook in overleg met stervensbegeleiders en uitvaartverzorgers.’

Schuldenvrij Nederland is illusie

Tilburg blijft voortdurend kijken of het schuldenoffensief werkt en zal het waar nodig bijstellen. De Kock denkt na een klein jaar op de juiste weg te zitten. ‘Een schuldenvrij Nederland is een illusie. Maar als je bedenkt hoeveel complexe en geldverslindende problemen er voortvloeien uit schuldenproblematiek, bijvoorbeeld op het gebied van gezondheid en werk, dan is er met gedegen preventie en gerichte hulp heel veel te bereiken. Daarnaast moet het echt anders met die dure zorgverzekering en dat complexe stelsel van fiscaliteit. Met een systeem dat zó ondoorzichtig is, mag je de rekening eigenlijk niet bij de mensen leggen, maar moet je het systeem aanpakken. Dat is echter aan de politiek. In mijn positie als ambtenaar zeg ik: gemeenten, pak die data en doe er iets mee. Het helpt!’

 

IBP-werkgroepen schuldhulpverlening bekijken nieuwe aanpakken

Een van de maatschappelijke opgaven binnen het IBP is het terugdringen van het aantal mensen met problematische schulden. Drie werkgroepen buigen zich daarom over de schuldenproblematiek. Ze kijken naar preventie en vroegsignalering, effectieve en integrale schuldhulpverlening en maatschappelijk verantwoorde incasso door de overheid.

‘Die onderwerpen houden logisch verband met elkaar, dus de scheidslijnen zijn niet heel scherp’, zegt senior coördinerend beleidsmedewerker Marion Vreeburg van het ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid (SZW). ‘Vroegsignalering is alleen zinvol als mensen vervolgens ook worden geholpen. En verantwoord incasseren is eigenlijk ook preventie.’

De uitwerking van deze opgave in de werkgroepen maakt deel uit van de brede schuldenaanpak, die wordt gecoördineerd door staatssecretaris Van Ark (SZW). ‘Maar de werkgroepen hangen onder het IBP, niet onder het kabinet. Ze gaan de diepte in en richten zich op nieuwe dingen die niet elders al gebeuren’, zegt Vreeburg. ‘Bij de Belastingdienst loopt bijvoorbeeld al een pilot om voor de voortzetting van een toeslag de meest recente inkomensgegevens te gebruiken. Dat moet het aantal terugvorderingen verminderen. Dat gaan we in de werkgroepen dus niet opnieuw bekijken.’

Het vaker delen van gegevens met andere overheden – met de bijbehorende privacyvragen – wordt ook in de werkgroepen besproken, aldus Vreeburg. ‘De wens om data breed te mogen delen bestaat al lang, omdat het kan helpen. Maar het is van groot belang te bepalen welke gegevens waar terechtkomen en wat er mee gebeurt. Het mag niet nice to know zijn, maar moet een specifiek doel dienen. Om schulden vroeg te signaleren en betere dienstverlening mogelijk te maken, moet ook de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening helderder worden gemaakt.’

Gerichter persoonlijk contact met schuldenaren – zoals in Tilburg – is een ander punt waarover wordt gesproken. ‘Als het nodig is en als het kán, is dat natuurlijk te verkiezen boven contact op afstand. Maar aantallen spelen hier een rol. Een Belastingdienst heeft zó veel incasso’s dat het niet te doen is om in alle gevallen persoonlijk contact op te nemen. En we moeten niet een heel apparaat gaan optuigen om persoonlijk contact mogelijk te maken. Bovendien hebben veel diensten juist alles net geautomatiseerd’, aldus Vreeburg.